Citytrip Boedapest, zeker doen, echt de moeite waard

Boedapest staat bij niet zo veel mensen op het lijstje van steden die je moet gezien hebben. Onterecht.
Al ben ik een beetje bevooroordeeld: ik was er in 1994 al eens een aantal weken heen getrokken, toen Boedapest nog lang haar had, en ik net een kleine 5 jaar vrij van het communisme was (of was dat andersom?).

We hebben al enige citytrips achter de rug, uiteindelijk stelde ik eens voor om naar Boedapest te gaan, met onze kinderen erbij. Dat hadden ze nog tegoed, al moest ik argumenteren om toch naar Boedapest te gaan, en kreeg ik het voordeel van de twijfel. De schrik zat erin dat het daar te “oud”, “koud” en te “weinig te beleven” zou zijn. Na wat opzoekwerk en met het been stijf gehouden, werden snel vliegtickets gezocht, nog een luchthaven voor erbij, en de helft van het geregel was al in orde.

We vlogen eens vanuit Eindhoven, omdat de uurregeling daar gewoon veel interessanter was. Nadeel is dan dat je vroeg in Eindhoven moet staan, dat werd dan maar een nachtje Novotellen. Hun aanbod overnachting+parking+shuttledienst was reuze handig en niet duur. Dat en nog een uitgebreid ontbijt op je dooie gemak kunnen genieten in plaats van veel te vroeg op te moeten staan, 2 uur rijden en dan hondsmoe in de luchthaven rondhangen…
Neen, Novotel was betere optie.

We zijn vakkundig om 7u20 opgehaald, en om 7u25 werden we aan de luchthaven afgezet. De Wizzair Airbus heeft zijn naam niet gestolen: 180 passagiers netjes opgestapeld en feilloos op tarmac in Boedapest gedropt perfect op tijd, reuze service. Fijn, was onze eerste keer met Wizzair.

Eenmaal (in het verbazend warme) Boedapest aangekomen is het Forinten sprokkelen, de Euro wordt aanvaard, maar niet aan de beste wisselkoers. Dus, even snel aan de bankautomaat Forinten uit de muur halen.

En daarna aan het loket van het openbaar vervoer 4 tickets voor bus 100E (express busdienst van luchthaven rechtstreeks naar Kalvin Tér) voor een goeie 11 euro. Dat is een mooie deal. Maar die express bus zat gewoon propvol, je kreeg er geen toerist meer bij gewrongen, het was het sardientjes-in-blik gevoel.
En dat voor een rit van een klein halfuur.

Dat sardientjes-gevoel werd onze dochter ineens teveel: ze verloor er alle kleur door. Spierwit, lijkbleek werd ze plots. Heel raar. Haar snel laten neerzitten. En even op tanden moeten bijten (we hadden helemaal niets te eten bij, geen suiker, snoepjes… niets… foutje van papa en mama).

Dan maar ineens de grove middelen: op Kalvin Tér bleek een Burger King te zijn… Daar kunnen we cola gaan “tanken”. Hamburger of een andere vet-suiker combinatie: eender wat om Saar weer kleur te doen krijgen.
En die kleur kwam gelukkig snel terug op haar gelaat. Maar dit was even een heel bizar halfuur voor ons. Dit zou achteraf het enige minpuntje van de reis blijken, gelukkig.

Google Maps troonde ons van Kalvin Tér naar ons Bohem Art hotel, ook te voet kan je op Maps beroep doen. Leve de technologie.
In het hotel werd alle bagage gedumpt, en de kamer met 2 verdiepingen en molenaarstrap is een succes: super groot, mooi, modern. Leuk hotel, echte aanrader voor wie in het centrum wil zitten van Boedapest en de grote ketens eerder eens links wil laten liggen.

Ik wil 1 ding zeker terug gaan bekijken uit mijn allereerste bezoek: Even het beruchte tilos az A cafe opzoeken, in 1994 de plaats waar we mega veel leuke avonden beleefden in bar en kelder. Het café sloot in 1995, maar heet tegenwoordig Zappa Bistro.
De muurschilderingen achteraan zijn er nog – die zijn blijkbaar beschermd als erfgoed – voor de rest staat de tand des tijds niet stil: de ganse buurt is opgewaardeerd, inclusief het cafe. Op het terras worden de eerste “homemade lemonades” geproefd en super bevonden: spuitwater met limoen, citroen, sinaasappel… Een winnende combinatie in zo’n mooi weer.

We gaan daarna te voet gewoon verder richting Donau, naar het monument van de Schoenen op de Donaukade. Dat is nog een eind stappen voor de kinderen, en die beginnen een beetje moe te worden. Een ommetje langs het Hard Rock cafe doet wonderen. Snel een pet en t-shirt gekocht, zo is de jeugd weer hip. Net naast het Hard Rock café, op het Vörörsmarty plein, is er een streetfood markt – sfeer en kraampjes zat.
Zeer leuk.

Het valt me onderweg echt op: het oude stadscentrum – de kern aan de Donau is echt proper. Alles netjes, opgeruimd en gepoetst. Ongelooflijk veel tijd en geld moet er zijn gestopt in de opwaardering en renovatie van de gevels. Het grauwe, grijze is weg – welkom super propere gevels.

Het warme weer en de propere omgeving doen veel: er zijn een hoop mensen in de stad.

Na het bezoek aan de Schoenen op de Donaukade, beslissen we om tram 2 terug naar het hotel te nemen, even een uurtje bekomen. Daarna snel een aperitiefje gedronken (home-made limonade nummer 2 van die dag), en daarna naar Fat Mo’s Music Pub, veel te pikante ribben gaan eten. Niet lekker wegens te pikant en te duur voor wat het maar is. Je laat je maar 1 keer vangen, geen 2 keer.

De dag wordt afgesloten in de bar van het hotel, een Tokaj witte wijn (of 2) die een mooie dag perfect afsluit.

Wat we later in het weekend zullen ontdekken: tel altijd je wisselgeld als je cash betaalt in Boedapest. Er zijn gehaaide kassiers die ‘onschuldig’ verkeerd teruggeven, en je raadt het nooit, dat is steevast in jouw nadeel. 
Dat viel een paar keer op, dus: tel direct en “en plein public” je wisselgeld. 

Boedapest is ondertussen wel een hit bij ons gezin. We zijn na de eerste dag danig onder de indruk. Dus, doen we ‘s anderendaags een echte tocht. We gaan het Vrijheidsbeeld naast de citadel aan de overkant van de Donau bezoeken, te voet, de steile klim doen. Dat is voor papa een uitdaging met zijn halve poot.

De tocht begint nochtans goed, het weer is fantastisch: stralende zon, lichte bries, net alsof het al zomer is in Hongarije.
We steken de Vrijheidsbrug over (net om de hoek aan ons hotel) en beginnen aan de klim.

Leave a Reply

Content not available.
Please allow cookies by clicking Accept on the banner